menu Home Wie ben ik Wat doe ik Blog Contact
Yellow Socks

Kritische Karel

Afwijzing hoort nou eenmaal bij het solliciteren. Zo realistisch ben ik wel. En werken bij een organisatie of in een functie die uiteindelijk niet bij je blijkt te passen, levert naderhand alleen maar meer teleurstelling (en frustratie) op. Voor beide partijen.



Afgelopen week heb ik weer eens mogen ervaren hoe het is om afgewezen te worden naar aanleiding van een sollicitatiegesprek voor een interim rol. De formele reden: ik heb mijn gesprekspartners niet weten te overtuigen dat ik voldeed aan de competenties die aan de functie werden gesteld.

Ik dacht terug aan het tweede gesprek dat ik met de CEO en een HR adviseur had. De CEO benoemde halverwege het gesprek dat hij mij niet kon ‘lezen’, omdat hij geen emotie op mijn gezicht zag. Geen emotie op mijn gezicht? Poeh hé, dat was even confronterend. Ik had het hierover met mijn zus en zwager. Mijn zwager vertelde dat hij wel eens tijdens een gesprek met een CEO een ‘feestneus’ was genoemd. Hij werd ook afgewezen, omdat hij de CEO niet wist te overtuigen dat hij voldeed aan de competenties die aan de functie werden gesteld.

Het was voor mij duidelijk dat de spreekwoordelijke ‘klik’ er niet was. Wij waren niet met elkaar in verbinding en het gesprek verliep dan ook akelig stroef. De opmerking van de CEO deed bij mij figuurlijk de deur dicht. Dat deed iets met mij én met het gesprek. Jammer. Maar ook dit is de realiteit, hoe zeer je ook je best doet en hoe graag je ook wilt.

Ondanks deze realiteit merkte ik dat ik er toch last van had dat ik was afgewezen. Ik vóelde mij ook afgewezen. Herken je dat? Ik had meer dan ‘normaal’ moeite om berusting te vinden. Mijn innerlijke criticus kwam spontaan weer ten tonele en ging vol in de ‘aanval’.

Er wordt wel eens gezegd dat je zelf je grootste criticaster bent. Zo’n stemmetje die je hoort die dan zegt: ”Je hebt een waar-de-loos gesprek gevoerd. Je hebt niet goed genoeg je best gedaan. Jij bent ongeschikt. Jij hebt gefaald!” De luidspreker in je hoofd die je continue laat weten wat je fout of niet goed genoeg doet.

Ik heb afgelopen zomer het boek ‘Fouten maken moed’ gelezen. In zijn boek besteedt de auteur veel aandacht aan de zogenaamde interne criticus. Het stemmetje in je hoofd die je enerzijds scherp houdt, echter ook voor verkramping kan zorgen. En dat is exact wat er gebeurde; ik schoot in de kramp! Zowel tijdens het gesprek als daarna. Tijd dus om mijn innerlijke criticus te dempen en mijn bewijsdrang weer overboord te gooien. Een paar handige tips uit deze zelfhulpliteratuur:

Tip 1: Geef je innerlijke criticus een bijnaam

Praat over je innerlijke criticus alsof het een stripfiguur of iets dergelijks is: ‘Als ik enorm baal van falen, dan komt ‘Kritische Karel’ langs. Hij maakt mij kritisch en gemeen naar mijzelf toe’. Hierdoor kun je met meer afstand naar hem (of haar) kijken, om hem lachen en luchtiger met hem omgaan. Ik geloof overigens dat Kritische Karel een echte ‘Rotterdammert’ is; hij heeft altijd wat te zeiken.

Tip 2: Zet een andere bril op

Als je voelt dat je interne criticus je ‘aanvalt’ op het moment dat iets fout gaat, kijk dan eens door een andere bril. Kijk hoe je innerlijke criticus jou wil beïnvloeden en raken. Hoe hij bezorgd is over jouw veiligheid. Sta jezelf toe om nieuwsgierig te zijn naar je gedachten over de situatie. Zo kun je wellicht de pijn van de aanval omzetten in begrip voor de onderliggende bezorgdheid en angst van de innerlijke criticus. Dit helpt om er milder mee om te gaan.

Tip 3: Oefen het ‘erbij blijven’

Oefen het jezelf toestaan om te voelen wat je voelt als je faalt. Dit om te leren je nare gevoelens in volle omvang met zelfcompassie toe te laten. Het helpt om dit op te schrijven (daarmee ben ik nu dus begonnen!). Wat gebeurde er? Wat ging er fout? Waar baalde je van? Wat voelde je?

Tip 4: Schrijf je eigen ‘zelfcompassiemantra’

Wat zou je het liefst van je beste vriend | vriendin | partner willen horen op het moment dat jij last hebt van te veel innerlijke kritiek? Schrijf dit op en houdt deze woorden of zinnen bij de hand op de momenten dat je het moeilijk hebt.

'Fuck it' - yoga

Als bovenstaande tips nou niet werken dan kun je altijd nog ‘fuck it’- yoga doen. Adem eerst 3 keer diep in en uit via de buik, ontspan. Op de vierde inademing beweeg je je onderarm omhoog. Op een uitademing beweeg je je middelvinger in de opwaartse gestrekte positie en daarbij roep je vol overtuiging: ‘Fuck it!’. Op de volgende inademing breng je je middelvinger weer in de uitgangspositie. Herhaal deze vingerbeweging 3 keer. Het helpt je uit een kramp naar een glimlach! Mijn favoriet, het werkt!

 

‘Fouten maken moed. Durf het allerbeste uit jezelf te falen!’, Remko van der Drift, ISBN 978 9462960466

‹ Vorige pagina